7. Vakantie en planning

7.3 Bijzondere situaties

7.3.1 Tijdens het schooljaar met vakantie

Wanneer een gezin met schoolgaande kinderen tijdens het schooljaar met vakantie wil gaan, geldt het volgende: extra vakantieverlof kan en mag worden verleend indien een werknemer of zelfstandige in verband met zijn werk in geen enkele schoolvakantie verlof kan nemen. Een werknemer dient daartoe een schriftelijke, gemotiveerde verklaring van zijn werkgever te overleggen, tenminste één maand voor aanvang van de bedoelde vakantie. Het dient hier te gaan om de enige vakantiereis die in een bepaald schooljaar wordt gemaakt. Deze reis mag niet gepland worden tijdens een toetsweek of tijdens de eerste twee weken van het schooljaar en mag niet langer duren dan tien schooldagen. Deze richtlijn is conform de handreiking leerplicht zoals deze door de leerplichtambtenaar wordt gehanteerd. De hiervoor genoemde regeling geldt zowel voor leerplichtige als voor niet leerplichtige leerlingen.

7.3.2 Buitengewoon verlof vragen

Voor het geven van verlof hanteert de school de wettelijke kaders. Als ouders voor hun kind vrij willen vragen, dienen zij dat tijdig aan te vragen bij de desbetreffende teamleider of coördinator. Er wordt dringend verzocht om afspraken te plannen buiten de lestijden van de leerling. Dat geldt naast consulten bij de tandarts e.d. ook voor afspraken als het oefenen voor het brommercertificaat. De school werkt in principe niet mee aan verlof voor (trainingen voor) niet aan school gerelateerde wedstrijden. De school neemt een beslissing over het al dan niet toestaan van het verzuim. Ongeoorloofd verzuim wordt gemeld aan de leerplichtambtenaar. Voorafgaand aan een vakantie of na afloop ervan worden (behoudens zeer strikte uitzonderingen) geen extra uren of dagdelen vrij gegeven.